|
De grote gele kwikstaart of Motacilla cinerea:
Velen kennen de witte kwikstaart al, de tuinvogel die door het gras loopt en van tijd tot tijd plots versnelt of een kleine sprong maakt om een insect te vangen.
De grote gele kwikstaart heeft dezelfde lichaamsbouw maar een bontere vederdracht met geel. Het is een insecteneter, net als zijn neef, en zijn jachtterrein strekt zich uit langs beken en rivieren: oevers, met mos bedekte rotsen, kiezelstrandjes…
Deze elegante en lichtvoetige vogel heeft zijn naam zeker verdiend. Meestal bouwt hij zijn nest in een diepe groef tussen de rotsen of nog onder een brug of onder wortels.
Sommige kwikstaarten zijn trekvogels. Ze dalen af tot aan de Middellandse Zee of Afrika. Andere zijn dan weer minder kouwelijk en blijven ter plaatse, behalve als het water bevriest.
|