Luscircuit 5
Wandelpaal nr. 9. De vijver.

Onthaal wandelingenVirtueel bezoek 360°Géografische liggingAangeduide wandeling< Vorige wp.volgende wp. >

Amfibieën.

Voor u ziet u een vijver die nu gedeeltelijk door begroeiing is overwoekerd. Er blijft nochtans genoeg water over voor de ontwikkeling van aquatisch leven. Amfibieën hebben een naam die afgeleid is van het Grieks en “dubbel leven” betekent. Zij beginnen hun leven in het water en worden pas landdieren na een indrukwekkende lichaamsmetamorfose.

Na hun geboorte ademen amfibieën met uitwendige kieuwen, zoals vissen. De kieuwen zijn eerst uitwendig, dan inwendig en laten het dier toe opgelost zuurstof op te nemen dat in het water zit. Deze ademhaling wordt aangevuld met een huidademhaling. Na hun metamorfose verdwijnen de kieuwen, ontwikkelen de longen zich en kunnen ze lucht ademen. Amfibieën behouden wel hun vermogen om te ademen via de huid: de gasstofwisseling via de huid en de slijmvliezen in de mond kan 50% van de zuurstofbehoefte leveren. Het dier kan op elk ogenblik overschakelen van de ene ademhaling op de andere.

 

Bij kikkers en padden verandert het verteringsgestel grondig tijdens hun groei. In tegenstelling tot de volwassen exemplaren, hebben kikkervisjes namelijk geen maag! Bovendien wordt de lange, gedraaide darm van de vegetarische kikkervisjes veel korte bij de vleesetende volwassenen.

De larven van watersalamander hebben een verteringsgestel dat al sterk lijkt op dat van een volwassen dier. Voor de overgang van het leven in het water naar het leven op het land moeten er ook voor- en later achterpoten verschijnen. Bij kikkers en padden verdwijnt de staart.

 

Opgelet: het is hier erg modderig. Kom niet te dicht bij het water.

Amfibieën.

Padden en kikkers behoren tot de orde der Anura (a = zonder, uros = staart) terwijl watersalamanders en salamanders behoren tot de Urodela (uros = staart, deles = zichtbaar). Enkel de Anura kunnen “zingen”, ze doen dat vooral tijdens het paringsseizoen.

Anura kennen een externe bevruchting: het mannetjes sproeit over de duizenden eicellen die door het vrouwtje werden gelegd. De eitjes van de bruine kikvors drijven in blaasachtige, samengeklitte hoopjes op het water. Die van de gewone pad lijken wel draadjes die rond de planten zijn gewikkeld zodat ze niet naar de bodem zouden zakken. Bij de Urodela gebeurt de bevruchting intern, maar zonder penetratie: het mannetje laat een spermatofoor vrij dat in de cloaca van het vrouwtje wordt opgenomen in een spermatheek tot de tijd rijp is. Enkel dan zullen de spermatozoïden die in de spermatofoor zitten, de 150 tot 300 eitjes bevruchten. Het vrouwtje legt dan haar eitjes één voor één tussen de waterplanten.

Een vijver met veel waterplanten is een erg gunstige plek voor amfibieën. De vegetatie levert namelijk zuurstof door fotosynthese. De planten dienen ook als schuilplaats voor larven of als “anker” voor de eitjes van sommige amfibieën. De zacht hellende bermen vergemakkelijken de overgang naar het land. De opeenstapeling van organische partikels vorm een slijklaag die als winterschuilplaats dienst doet voor amfibieën: ze zijn poikilotherm (koudbloedig) en vrezen de vorst.

In deze vijver leven drie soorten amfibieën: de bruine kikvors, Rana temporaria en de gewone pad, Bufo bufo zijn Anura. De urodela zijn vertegenwoordigd door de alpenwatersalamander, Triturus alpestris.

 

Onthaal wandelingenVirtueel bezoek 360°Géografische liggingAangeduide wandeling< Vorige wp.volgende wp. >