Luscircuit 7
Wandelpaal n°03:  het pad naar de schietbaan.

Onthaal wandelingenVirtueel bezoek 360°Géografische liggingAangeduide wandeling< Vorige wp.volgende wp. >

Het eikenbos.

Dit eikenbos is een “acidofiel bergeikenbos” en vertegenwoordigt vandaag de dag een zeldzame en schaars overblijvende habitat. Dit soort eikenbossen ligt gewoonlijk in de nabijheid van turfgebieden of van heidevelden met struikheide of bessenstruiken.
Elk habitat, elk soort bos beschikt over een zeer typische verzameling plantaardige soorten. Blijven we de logica volgen van de verticale structuur van de plantengroei, dan vindt men in een dergelijk acidofiel (zuurminnend) eikenbos:

 

In de kelder, onder de grond: zwamwortels, dit is de verbinding tussen zwamvlokken (zeer grofweg, de “wortel) van paddenstoelen en de wortels van bomen of planten. Het mycelium (zwamvlokken) van de paddenstoel verzamelt minerale elementen en organische stoffen om ze door te geven aan de boom. In ruil daarvoor levert de boom energetische composieten, voornamelijk glucose, aan dezelfde paddenstoel. Zo vindt men onder de eik meestal de cantharel of dooierzwam.

 

 

Op de gelijksvloer, de moslaag: hier vindt men mossoorten zoals haarmossen en veenmossen.

Op de eerste verdieping, de kruidlaag: pijpestrootje, varens, bochtige smele, zevenster en valse salie.

 


Op de tweede verdieping, de struiklaag: de vuilboom en de struikwilg.

Op de zolder, de boomlaag: de ruwe berk en de zilverberk, de lijsterbes en de zwarte els die de zomereik of Quercus robur vergezellen.

 

De bessen van de lijsterbes zijn eetbaar. Men kan ze koken om marmelades te maken of het sap eruit halen om gelei te krijgen. Maar opgelet, de pitten zijn giftig en bevatten waterstofcyanide of blauwzuur.

De pad.

De gewone pad, Bufo bufo, valt onder de amfibieën die eerst in het water en later op het land leven. In de lente vindt de copulatie plaats in het water. Dat duurt meerdere dagen. Het wijfje legt daarna een krans van zeer typische eitjes: ze zijn kogelvormig, doorschijnend, met een zwart puntje erin. Dat is het kikkervisje. Per leg telt men 2000 tot 6000 eitjes. Een kleine week later komen de dikkopjes uit. Na heel wat veranderingen verlaten zij dan uiteindelijk het water als leefomgeving.

Bij volwassen padden komen de vier poten dus overeen met de even vinnen van de vissen waarvan ze afstammen.
Zij ademen met hun longen en… met hun huid: hun lichaam is bedekt met klieren die voortdurend slijmen afscheiden waardoor ze gassen kunnen uitwisselen met heel hun lichaamsoppervlak.
De huid is slechts op enkele punten vastgehecht aan de spieren. Daardoor lijkt het wel of ze huid in overschot hebben.

 

Zij leven op vochtige plaatsen, bij vijvers of plassen. Zij doen hun winterslaap onder stapels bladeren, rotsen, takken… of in een verlaten hol van een knaagdier. Zij voeden zich met aardwormen, spinnen, kleine insecten…

Er gaat heel wat bijgeloof gepaard met dit onschadelijke dier dat een weldaad is voor onze tuinen (hij eet naaktslakken!): padden worden ervan beschuldigd wijn te doen keren of puisten te geven. Men zegt echter ook van padden dat zij ratten verjagen, neusbloedingen doen stelpen of ook nog dat het ongelukkige, betoverde droomprinsen zijn…

 

Onthaal wandelingenVirtueel bezoek 360°Géografische liggingAangeduide wandeling< Vorige wp.volgende wp. >