|
Klauwen om te vangen, een haaksnavel om vlees los te rukken, een uitzonderlijk zicht om heel ver en nauwkeurig te zien, een gezichtsveld dat stukken breder is dan 180°… dat zijn de troeven van de havik, Accipiter gentilis. Zij vederdos is compact, hard, gestreept met afwisselende donkere en lichte stroken. Melanine, het donkere pigment van de pluimen, is nochtans sterker en harder. Door de afwisseling is de vogel soepeler, minder strak.
Met zijn brede, afgestompte vleugels en zijn lange staart kan hij tussen de bomen laveren, ter plaatsen stoppen en plots versnellen. Eekhoorns, hazen, houtduiven en andere roofvogels… de havik slaat snel toe, altijd van boven. Zijn gevleugelde prooien weten dat en proberen hoger te vliegen. Maar als ze eenmaal in het vizier van de havik komen, hebben zij weinig kans te ontsnappen aan zijn snelheid en volharding.
|